23.2.11


TOEKOMST

vanavond kan ik spreken met de ondergaande zon.

het veld ligt stil, de wolken kijken toe,
en een paar hooioppers mijmeren…

de zon is voortdurende beweging
- wie houdt er al niet van het licht? -
vanmiddag nog brandde de aarde,
en een paar soldaten sliepen, diep in de schaduw.
de boeren, halfnaakt, werkten door.

ik heb toegekeken
naar de zon
naar het veld
naar de boeren.
het zien van de slapende soldaten, mijn gezellen,
maakte een onbestemd verlangen los in mij.
misschien was het alleen maar vreugde
als een open vraag.

ik voelde mij toen meer man, meer mens,
verbonden met wat voor mij lag:
het leven…

vanavond kan ik spreken met de ondergaande zon.



TROUW

ik heb in jou de trouw gevonden,
een open palm en een gesloten mond.
ondanks de wonden die ik jou sloeg
in mijn verwilderd hijgen
op vreemde monden,
en dat jij ‘t al verdroeg.

ik heb in jou de trouw gevonden
als een verborgen goed,
dat mij naar jou steeds dreef
na vele stonden,
om, in jouw armen, wild
de open wonde wèg te hijgen:
dat ijl verleden
waarnaar jij nimmer, nimmer vroeg…



UREN

de betonstraat is stom
onverschilligheid.
stom de grijze garagepoorten,
genummerd, in het gelid
tussen treurend muren…

één enkele vuile ruit
doet armoede vermoeden,
armoede grijs,
als dat troosteloze dak, de lucht.
- alleen vogels gaan op reis -

de betonstraat is stom.

ver van een toren uit de stad
- dat raadsel van beton, van ruit en steen -
slaan traag de uren…


No comments:

Post a Comment